---
title: "3.4 Vereenvoudigingsopties"
canonical: "https://wiki.groenkennisnet.nl/space/kpikll/518455323/3.4%20Vereenvoudigingsopties"
format: markdown
---
Hieronder worden vereenvoudigde opties voor berekening van het P-bodemoverschot weergegeven. Het voordeel van de vereenvoudigde methoden is dat ze minder complex zijn, dat ze relatief lage administratieve kosten met zich meebrengen en dat ze relatief makkelijk zijn te borgen. Het nadeel is dat ze minder rekening houden met de variatie in bedrijfsvoering waardoor het geen recht doet aan de werkelijke prestatie van een bedrijf.

Er zijn twee vereenvoudigingsopties weergegeven: volledig forfaitair en verfijnd forfaitair. Anders dan bij het N-bodemoverschot is hier de optie van een bedrijfsbalans niet meegenomen, omdat er bij P geen gasvormige verliezen optreden. Daardoor is het P-bedrijfsoverschot gelijk aan het P-bodemoverschot.

Benadrukt moet worden dat het slechts gaat om globale voorbeelden. In opdracht van het ministerie van LVVN worden deze vereenvoudigingsopties verder verkend.

### Volledig forfaitair

De berekening van het P-bodemoverschot vindt plaats op basis van de grootte en samenstelling van de veestapel (in de melkveehouderij), de grondsoort, en de oppervlakte per gewascategorie. Het bodemoverschot is dan uitsluitend gedifferentieerd naar veebezetting en gewas. Er wordt geen rekening gehouden met de specifieke bedrijfsvoering van het betreffende bedrijf. Er wordt uitgegaan van forfaitaire netto-P-excretienormen per diersoort en een forfaitaire gewas-P-afvoer. Ook de P-aanvoer met organische mest en kunstmest wordt forfaitair berekend. Wat betreft organische mest, wordt op melkveebedrijven de plaatsingsruimte volledig benut (voor zover passen binnen de N-aanvoernorm voor dierlijke mest) en op akkerbouwbedrijven wordt uitgegaan van een gemiddelde aanvoer gebaseerd op data van praktijkbedrijven. De aanvoer van kunstmest-P is dan gelijk aan de gebruiksnorm voor totale P minus de P uit organische mest. De aanvoer via depositie wordt ook meegenomen.

De volledig forfaitaire optie biedt weinig zicht op de bedrijfsspecifieke prestatie. Het geeft echter wel een standaardwaarde als er geen bedrijfsinformatie beschikbaar is.

### Verfijnd forfaitair

Deze optie is vergelijkbaar met optie 1, maar nu worden bepaalde posten van de P-bodembalans wat specifieker ingeschat op basis van eenvoudig beschikbare aanvullende bedrijfskenmerken die gerelateerd zijn aan het P-bodemoverschot (via regressieanalyse vastgesteld). Voorbeelden specifiek voor de melkveehouderij zijn melkproductie afhankelijke netto-P-excretie, het toepassen van weidegang (wel of niet, los van de duur) als maat voor de berekende P-aanvoer met kunstmest en de forfaitaire gewasopname. Voor zowel melkveehouderij als akkerbouw kan gedacht worden aan geregistreerde hoeveelheden P in aangevoerde en afgevoerde mest. Evenals bij de volledig forfaitaire optie wordt de P-aanvoer met depositie meegenomen.

Bij de verfijnd forfaitaire optie wordt er meer rekening gehouden met de werkelijke bedrijfsprestatie dan bij de volledig forfaitaire optie. De waarde ervan hangt wel af hoe betrouwbaar de verschillende bedrijfskenmerken het P-bodemoverschot voorspellen.