---
title: "4 - Circulariteit"
canonical: "https://wiki.groenkennisnet.nl/space/kpikll/35324609/4%20-%20Circulariteit"
format: markdown
---
## Achtergrond circulariteit

De toenemende bevolking en welvaart, zowel in Nederland als over de hele wereld, veroorzaken een steeds grotere vraag naar grondstoffen, energie, land en water. Omdat deze bronnen niet oneindig beschikbaar zijn, is het gevolg dat schaarste toeneemt. Deze schaarste is niet alleen een gevolg van het werkelijk uitgeput raken van bronnen, maar is ook een gevolg van verminderde beschikbaarheid door onder andere een veranderende geopolitiek (bijvoorbeeld voor fossiele brandstoffen), het moeten aanspreken van minder schone bronnen (bijvoorbeeld fosfaaterts dat van nature uranium bevat in plaats van (vrijwel) uraniumvrije erts), de ontwikkeling van innovaties (bijvoorbeeld toenemende vraag naar grondstoffen voor accu’s) of het verminderen van productie om de leefomgeving te beschermen. 

Om het probleem van schaarste te bedwingen, is het nodig om anders om te gaan met schaarse hulpbronnen en naar circulariteit te streven. Over het concept circulariteit is in een eerder stadium van het KPI-Kproject met een aantal deskundigen een verkenning gedaan over wat circulariteit voor de KPI-K-systematiek zou kunnen betekenen, zie tekstbox. 

Dit betekent dat naast het produceren van voedsel binnen de grenzen van de planeet, het ook belangrijk is om te weten hoe daarbinnen grondstoffen effectief worden gebruikt zonder ze uit te putten. In de KPI-Ksystematiek zijn doelen en indicatoren nodig, die meetbaar maken in welke mate hieraan wordt bijgedragen.

> ℹ️ ## Passages uit Adviesnotitie circulariteit (Adviesnotitie Circulariteit, in voorbereiding)
> ℹ️ 
> ℹ️ Het concept circulariteit komt onder meer voort uit de industriële ecologie en ecologische economie, twee wetenschappelijke stromingen die zich richten op de relatie tussen de mens en de natuurlijke omgeving (Korhonen et al., 2018). In tegenstelling tot een lineair systeem dat wordt gekenmerkt door het onttrekken van grondstoffen om producten te produceren, te gebruiken en vervolgens weg te gooien, gaat een circulair systeem uit van hergebruik van materialen en grondstoffen om de impact op de natuurlijke omgeving te beperken en te kunnen voorzien in de behoefte van de mens (Korhonen et al., 2018) […] 
> ℹ️ 
> ℹ️ Kringlooplandbouw speelt in op de grote uitdaging waar het agrovoedselsysteem voor staat, namelijk het voeden van een groeiende wereldbevolking terwijl grondstoffen beperkt zijn en ook milieu impact moet worden beperkt (De Boer en Van Ittersum, 2018) […] Binnen kringlooplandbouw gaat circulariteit over het prioriteren van de essentiële behoefte van de mens, en het effectief inzetten van grondstoffen om deze te vervullen […]
> ℹ️ 
> ℹ️ In recente literatuur wordt gesteld dat als we ervan uitgaan dat het doel van het voedselsysteem is om de mens te voeden, landbouwgrondstoffen het effectiefst gebruikt worden wanneer wij deze zo direct mogelijk inzetten voor voedselproductie (Van Zanten et al., 2018). Het alternatief, deze grondstoffen gebruiken als diervoer, is minder efficiënt door de verliezen die plaats vinden wanneer een dier voer omzet in voedsel. In een volledig circulair voedselsysteem wordt landbouwgrond daarom waar mogelijk ingezet voor voedselgewassen en ook duurzaam gevangen vis wordt gebruikt als voedsel om op deze manier ook concurrentie tussen voedsel voor mensen en voer voor dieren te vermijden (feed-food competition). Voedselproductie resulteert echter in bijproducten, verliezen en afval welke niet geschikt of gewenst zijn voor humane consumptie. Daarnaast is akkerbouw op een deel van het landbouwareaal, zogenaamd marginaal land, niet mogelijk (omstandigheden) of gewenst (natuurdoelen). Dieren dragen bij aan effectief grondstofgebruik door deze voedselreststromen en gras te verwaarden tot dierlijk voedsel dat hoogwaardige essentiële nutriënten bevat […] In de afgelopen jaren is dit wetenschappelijk verkend en geïllustreerd in verschillende voedselsysteem modellen (Frehner et al., 2022; Van Hal et al., 2019; Van Kernebeek et al., 2016; Van Selm et al., 2022). Op basis van de bevindingen hebben Muscat et al. (2021) hieruit principes voor het gebruik van biomassa in een circulaire bio-economie opgesteld. Deze 5 principes luiden: 
> ℹ️ 
> ℹ️ 1. **Bescherm** de gezondheid van (agro)ecosystemen; blijf binnen het herstellend vermogen voor zo wel het regenereren van grondstoffen als het absorberen/afbreken van vervuiling.
> ℹ️ 2. **Voorkom verliezen** en afval, als ook de productie en gebruik van niet essentiële producten
> ℹ️ 3. **Prioriteer** grondstoffen voor effectief gebruik. Hierbij wordt voorrang gegeven aan het gebruik van biomassa voor primaire behoeften van de mens (voedsel, farmacie en kleding). Daarmee wordt het inzetten van land en biomassa voor voedselproductie en (bouw)materialen van hogere prioriteit over veevoer of bio-energie.
> ℹ️ 4. **Hergebruik** reststromen en afval voor de belangrijkste doeleinden. Wanneer er onvermijdelijk reststromen ontstaan moeten deze veilig voor de mens en de planeet terug worden gebracht in het systeem, bijvoorbeeld door reststromen uit het voedselsysteem aan dieren te voeren, waar dit veilig kan.
> ℹ️ 5. **Energiegebruik minimaliseren** en schakel om naar het gebruik van hernieuwbare energie (zond, wind, water, aardwarmte).

## Toelichting op stand van zaken voorlopige KPI’s circulariteit 

In de loop van het KPI-K-project is geconstateerd dat in de kernset tot dusver sturing naar een meer circulair voedselsysteem ontbrak. Er ontbraken KPI’s die ‘effectief grondstof gebruik in het voedselsysteem’ meetbaar maakten. Zeker gezien de visie Kringlooplandbouw (Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, 2018) als startpunt was dit een belangrijk hiaat. Om deze reden is een traject gestart waarin is verkend hoe dit invulling zou kunnen krijgen. Dit heeft geresulteerd in een Adviesnotitie Circulariteit (in voorbereiding). Mede op basis van deze adviesnotitie zijn ontbrekende doelen toegevoegd aan het doelenkader, gerelateerd aan schaarse hulpbronnen, gebaseerd op de 5 principes van Muscat et al. (2021). Dit betreft: 

- minder inputs en verliezen (gerelateerd aan principe 2)
- optimaal landgebruik (principe 3)
- hergebruik reststromen (principe 4).

Hieruit volgde de conclusie dat met name KPI’s ontbraken die sturen op de doelen hergebruik van reststromen en optimaal landgebruik. In de wetenschap zijn indicatoren en concepten beschikbaar maar hierover werd geconcludeerd dat deze op korte termijn niet operationeel te krijgen zijn op bedrijfsniveau (zie [4.6 Discussie](https://wiki-groenkennisnet.atlassian.net/wiki/spaces/kpikll/pages/1857781777)). Daarom is een zoektocht gestart naar een pragmatische invulling van KPI’s die nuttig inzicht geven in de bijdrage van het bedrijf aan efficiënt

> ℹ️ ### Definitie KPI
> ℹ️ 
> ℹ️ Op basis van de principes voor het gebruik van biomassa in een circulair voedselsysteem en al bestaande initiatieven voor indicatoren voor circulariteit (zie paragraaf ‘Aanleiding’), worden de volgende 4 ‘nieuwe’ KPI’s voorgesteld:
> ℹ️ 
> ℹ️ 1. Landgebruik: aandeel areaal ingezet volgens prioritering en geschiktheid.
> ℹ️ 2. Oorsprong meststoffen: aandeel circulaire meststoffen (voorlopig beperkt tot stikstofmeststoffen).
> ℹ️ 3. Afzet bedrijfseigen mest: aandeel hoogwaardig afgezette mest.
> ℹ️ 4. Oorsprong diervoeders: aandeel aangekochte diervoeding uit reststromen die niet geschikt of gewenst zijn als humane voeding.
> ℹ️ 
> ℹ️ Omdat deze KPI’s nog niet operationeel zijn, is de KPI Eiwit van eigen land, die ook gehanteerd wordt als een van de KPI’s in de [Biodiversiteitsmonitor Melkveehouderij](https://biodiversiteitsmonitor.nl/docs/Biodiversiteitsmonitor_nederlands.pdf), opgenomen in de set: 
> ℹ️ 
> ℹ️ 5. Eiwit van eigen land: aandeel eiwit in het rantsoen van vee dat niet aangekocht is. 
> ℹ️ 
> ℹ️ Eiwit van eigen land is een KPI die relatie heeft met meerdere doelen (onder andere regionaal sluiten van kringlopen) en wordt berekend voor melkveehouders in de Kringloopwijzer. Het geeft enig beeld van de oorsprong van voer maar zegt maar beperkt iets over de oorsprong van diervoeders die van buiten het bedrijf komen. Zodra de KPI’s voor Kringloopsluiting zijn uitontwikkeld, kan Eiwit van eigen land als KPI in de set worden heroverwogen (zie ook discussie). 
> ℹ️ 
> ℹ️ De KPI’s worden verder hieronder en in [4.1 Data en berekeningswijze](https://wiki-groenkennisnet.atlassian.net/wiki/spaces/kpikll/pages/533692417)[ ](https://wiki-groenkennisnet.atlassian.net/wiki/spaces/kpikll/pages/533692417) toegelicht, inclusief een uitleg van huidige beperkingen en risico’s.

## Relatie KPI tot doelen

Op basis van de principes voor het gebruik van biomassa in een circulair voedselsysteem, zijn in het KPI-K-project doelen geformuleerd gerelateerd aan schaarse hulpbronnen. Dit betreft (zie Hoofdrapport): 

- minder inputs en verliezen (gerelateerd aan principe 2 van Muscat et al., 2021)
- optimaal landgebruik (principe 3)
- hergebruik reststromen (principe 4)

De doelen behorend bij principe 2 worden grotendeels al nagestreefd in andere KPI’s (bijvoorbeeld verlagen van de N en P bodembalans en verlagen van emissies). De nieuwe, voorlopige KPI’s circulariteit beogen om principes 3 en 4 af te dekken. In de volgende alinea’s wordt toegelicht hoe de voorgestelde KPI’s naar verwachting bijdragen aan de doelen.

### KPI Landgebruik: doel optimaal landgebruik ten behoeve van humaan voedsel 

Vanuit het oogpunt van optimaal gebruik van schaarse landbouwgrond is er een noodzaak om land dat geschikt is voor de productie van plantaardig humaan voedsel ook daarvoor te gebruiken (De Boer en Van Ittersum, 2018). Op basis hiervan kan een prioritering aangegeven worden in het gebruik van landbouwgrond, van hoog naar laag: voor de teelt van gewassen voor directe humane consumptie (inclusief belangrijke bestanddelen uit een plantaardig dieet in Nederland zoals granen, peulvruchten, aardappelen en vollegrondsgroenten), voor voedergewassen voor dieren, of voor gewassen voor ander gebruik (bijvoorbeeld energie). Het benodigde landgebruik voor productie van gewassen voor directe humane consumptie is over het algemeen lager dan landgebruik voor productie van dierlijke producten voor humane consumptie (bijvoorbeeld Nijdam et al., 2012; Poore en Nemecek, 2018) en door een verschuiving naar meer plantaardige productie en consumptie is er minder landbouwgrond nodig voor humane voedselvoorziening (bijvoorbeeld Van Kernebeek et al., 2016; Van Zanten et al., 2023). 

Niet alle landbouwgrond is echter geschikt voor akkeren tuinbouw. Zo kunnen bodems ongeschikt zijn voor akkerbouw omdat ze te nat of te droog zijn, storende lagen hebben zoals keileem lagen, of onvoldoende draagkracht leveren voor grondbewerking en gemechaniseerde oogst zoals veengronden. Die gronden kunnen vaak wel ingezet worden voor de productie van diervoeders, met name grasland, of voor andere doelen zoals productie van bulkmateriaal voor energie of plantaardige non-foodgrondstoffen. Eventueel kunnen dergelijke gronden onttrokken worden aan de landbouw en ingezet worden voor natuurontwikkeling. Bij de keuze van grondgebruik zijn nu vooral historie en economie belangrijke factoren die invloed hebben gehad op het type landbouw dat voorkomt in verschillende regio’s in Nederland. Voor optimalisering van landbouw en milieuimpact is het van belang dat ook prioritering van grondgebruik voor directe humane voeding meegewogen wordt. Het doel van de KPI Landgebruik is om in beeld te brengen welk aandeel van het grondgebruik volgens prioritering en geschiktheid van de bodem is ingezet.

### KPI Circulaire meststoffen: doel hergebruik reststromen 

Minerale meststoffen (kunstmest) komen nu nog voor een groot deel uit of worden gemaakt met eindige grondstoffen. Bij de productie van stikstofmeststoffen is dat met name fossiele energie (Socolow, 1999; Stark and Richards, 2008); voor stikstof is de voorraad in de lucht een onuitputtelijke bron maar in een inerte vorm en wordt met behulp van energie omgezet tot meststof. Bij de productie van andere meststoffen, zoals fosfaat-, kali- en magnesiummeststoffen, zijn het de delfstoffen die deze nutriënten bevatten die schaars zijn. Door meer meststoffen te gebruiken die een eerdere gebruikscyclus hebben gehad in andere processen (circulaire meststoffen) worden eindige grondstoffen gespaard. Doel van deze KPI is om in beeld te brengen welk aandeel van de gebruikte meststoffen op het bedrijf al een eerdere gebruikscyclus heeft gehad. 

### KPI Afzet bedrijfseigen mest: doel hergebruik reststromen 

Doel van de KPI over afzet van bedrijfseigen mest is om in beeld te brengen welk deel van de mest wordt afgezet via routes die garanderen dat mest hoogwaardig wordt ingezet, dat wil zeggen op locaties waar de nutriënten nodig zijn en geen (extra) negatieve impact op de leefomgeving veroorzaakt. 

### KPI Oorsprong diervoeders: doel hergebruik reststromen

 Voedselproductie resulteert in bijproducten en reststromen die niet geschikt of gewenst zijn voor humane consumptie. Dieren kunnen bijdragen aan een meer effectief gebruik van grondstoffen door deze voedselreststromen te verwaarden tot voedsel dat hoogwaardige essentiële nutriënten bevat (Frehner et al., 2022). Deze KPI geeft aan welk aandeel van aangekochte diervoeders, zijnde krachtvoeders en natte bijproducten, bestaat uit reststromen die niet geschikt of gewenst zijn voor humane voeding. Ruwvoeders worden nu nog buiten de berekening gehouden omdat inrekening van ruwvoer het aandeel reststromen rekenkundig ‘verdunt’.

### KPI Eiwit van eigen land: doel minder inputs en verliezen, efficiënt landgebruik en regionaal sluiten van kringlopen 

Binnen de KPI-systematiek is Eiwit van eigen land opgenomen omdat de nieuwe KPI Oorsprong van diervoeders nog niet beschikbaar is. Wanneer die KPI verder ontwikkeld is, wordt heroverwogen of de KPI Eiwit van eigen land nog iets toevoegt aan de set van KPI’s. 

Eiwit van eigen land brengt op een graasdierbedrijf in beeld welk aandeel van het gevoerde eiwit in het rantsoen afkomstig is van eigen land. De berekeningswijze is ontwikkeld binnen het project Eiwit van eigen land waarin onderzoek en melkveehouderijpraktijk hebben samengewerkt om de rekenmethodiek te ontwikkelen voor grondgebondenheid van een graasdierbedrijf (Commissie Grondgebondenheid, 2022). Eiwit van eigen land stimuleert enkele doelen die worden nagestreefd binnen de KPI-systematiek namelijk het beperken van inputs en verliezen en het toewerken naar efficiënt grondgebruik. Daarnaast geldt: hoe hoger het aandeel eiwit van eigen land, hoe lager de afhankelijkheid van elders geproduceerde voedermiddelen en hoe lager de druk op landgebruik elders. Deze KPI stuurt daarmee ook naar meer grondgebondenheid en het regionaal sluiten van kringlopen. Dit maakt geen onderdeel uit van het doelenkader (zie [4.6 Discussie](https://wiki-groenkennisnet.atlassian.net/wiki/spaces/kpikll/pages/1857781777)). 

Eiwit van eigen land kan binnen de melkveehouderij direct worden toegepast omdat het kengetal in de Kringloopwijzer wordt berekend met data van het eigen bedrijf.

## Meer over deze kpi

> Macro (pagetree)