---
title: "Begrippenlijst Kassim zonder afbeelding"
canonical: "https://wiki.groenkennisnet.nl/space/TA/162594922/Begrippenlijst%20Kassim%20zonder%20afbeelding"
format: markdown
---
### Inputs

De inputs zijn alle instellingen die een gebruiker kan aanpassen om simulaties mee uit te voeren. Alle inputs zijn verzameld in een paneel aan de linkerzijde binnen de interface van Kassim. In de onderstaande afbeelding is het input paneel aangegeven met een <span style="color: #008000">**groen**</span> kader. Hieronder volgt een overzicht met uitleg van alle inputs.

  


> Macro (panel)
> 
> **Simulatiedatum**
> 
> Met deze input kan de datum en tijd worden ingesteld. Op basis hiervan wordt de positie van de zon berekend die o.a. nodig is om de actuele lichttransmissie van de kas te berekenen. Ook de (piek)lichtintensiteiten op bladeren met verschillende bladhoeken zijn afhankelijk van de positie van de zon.
> 
> **Bewolking**
> 
> De mate van bewolking kan ingesteld worden op onbewolkt, half bewolkt en zwaar bewolkt. Bewolking heeft een sterke invloed op de hemeltemperatuur en daarmee ook op het stralingsverlies van een kas. Kassen verliezen namelijk warmte door stralingsverlies omdat de relatief warme kas naar een koude hemel "kijkt". Zie ook de output [Hemeltemperatuur](#Hemeltemperatuur). Daarnaast is de bewolking ook van invloed op de verhouding tussen directe en diffuse zonnestraling. [Lees hier meer over direct en diffuus licht.](/space/KAS/24084837/Direct+en+diffuus+licht)
> 
> **Globale zonnestraling**
> 
> Met deze input kan de globale zonnestraling [W/m<sup>2 </sup>] worden ingesteld. Dit is de som van direct en diffuus zonlicht in het golflengtebereik tussen 300 en 2500 nm ter hoogte van het aardoppervlak. [Lees hier meer over globale straling.](/space/KAS/24084827/Globale+straling)
> 
> **Temperatuur buitenlucht**
> 
> Met deze input kan de temperatuur van de buitenlucht [°C] worden ingesteld. Bij lage temperaturen en vooral in combinatie met harde wind verliest een kas veel warmte. Door een hoogisolerend kasdek te kiezen kan dit warmteverlies flink beperkt worden. [Lees hier meer over hoogisolerend kasdek.](/space/KAS/24084755/Hoogisolerend+kasdek)
> 
> **Relatieve vochtigheid buitenlucht** 
> 
> Met deze input kan de relatieve vochtigheid van de buitenlucht [%] worden ingesteld. [Lees hier meer over luchtvochtigheid.](/space/G2/36044887/2.2.1+De+basisbegrippen+in+het+Psychrodiagram)
> 
> **Windsnelheid**
> 
> Met deze input kan de windsnelheid [m/s] worden ingesteld. Het convectief warmteverlies van het kasdek is hiervan sterk afhankelijk omdat de warmteoverdracht tussen het kasdek en de buitenlucht toeneemt met de snelheid van de langsstromende lucht. Vooral bij koud weer en veel wind verliest de kas veel warmte. Zie ook de output [Convectief warmteverlies ventilatie](#Convectief_warmteverlies_ventilatie). Daarnaast neemt de ventilatiecapaciteit toe met de windsnelheid waardoor bij hoge windsnelheid de ramen minder ver open hoeven om hetzelfde ventilatiedebiet te bereiken. Zie ook de output [Ventilatie debiet](#BegrippenlijstKassim-Ventilatie).

  


> Macro (panel)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Gewas type**
> 
> Voor het gewas kan een keuze gemaakt worden uit groentegewassen, snijbloemen en potplanten. Elk gewas heeft een specifieke verdampingskarakteristiek. Ook kan er voor gekozen worden om een lege kas te simuleren.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **LAI**
> 
> LAI is een afkorting van *leaf area index* ofwel bladoppervlakte-index. De LAI geeft aan hoeveel m<sup>2</sup> bladoppervlak er is per m<sup>2</sup> grondoppervlak en is dus een dimensieloos getal [m<sup>2</sup>/m<sup>2</sup>]. De LAI bepaalt de lichtonderschepping van het gewas en daarmee de fotosynthese en verdamping.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Maximale verdamping**
> 
> Verdampingsstress ontstaat als er meer water wordt verdampt door de plant dan de wortels kunnen opnemen [g/m<sup>2</sup>/h]. De verdampingsstress kan worden gesimuleerd door een maximale verdamping in te stellen.

  


  


> Macro (panel)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Kasdekmateriaal**
> 
> Voor het kasdekmateriaal kan gekozen worden uit helder glas of heldere folie, zowel enkellaags als dubbellaags. Kasdekmateriaal is van invloed op de lichtdoorlatendheid en isolatiewaarde van een kas. Het model rekent met dezelfde lichttransmissiewaarden voor glas en folie, maar folie laat veel meer warmtestraling door dan glas waardoor de kas o.a. sneller afkoelt. Dubbellaags materialen hebben een hogere isolatiewaarde dan enkellaags materialen maar de lichttransmissie ligt vaak een stuk lager. [Lees hier meer over kasdekmaterialen en lichttransmissie](/space/KAS/24084508/Kasdekmateriaal). Daarnaast kan met de [Kasontwerp Calculator](/space/KAS/24084907/Kasontwerp+Calculator) de invloed van kasdekmateriaal op de jaarrond lichtsom worden bepaald.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Krijten**
> 
> Krijten van het kasdek is een manier om een teveel aan zonlicht tegen te houden. Hiermee wordt voorkomen dat het in de kas warmer wordt dan nodig is en de plant mpoeer verdampt van nodig is. Ook wordt direct licht omgezet in diffuus licht.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Kas oriëntatie**
> 
> De kas oriëntatie kan ingesteld worden op een gootrichting oost-west of noord-zuid. De kas oriëntatie is van invloed op de hoek van inval van zonnestraling op het kasdek en daarmee de lichttransmissie. [Lees hier meer over kas oriëntatie.](/space/KAS/24084657/Oriëntatie) Daarnaast kan met de [Kasontwerp Calculator](/space/KAS/24084907/Kasontwerp+Calculator) de invloed van de kas oriëntatie op de jaarrond lichtsom worden bepaald.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Lek ventilatie**
> 
> Met deze input kan de lek ventilatie [m<sup>3</sup>/m<sup>3</sup>/h] worden ingesteld. Vrijwel elke kas ventileert ook met gesloten ramen en dit wordt lek ventilatie genoemd. In de regel hebben nieuwe kassen een lagere lek ventilatie dan oude kassen. De lek ventilatie die hier wordt ingesteld, geldt bij een gemiddelde windsnelheid van 4 m/s. De daadwerkelijke lek ventilatie wordt uitgerekend op basis van de ingevulde windsnelheid. Zie ook de input [Windsnelheid](#Windsnelheid).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Aantal buizen per meter kap**
> 
> Met deze input kan het aantal verwarmingsbuizen per meter kap worden ingesteld. Het aantal buizen per meter kap in combinatie met de buisdiameter bepaalt het verwarmend oppervlak van het verwarmingsnet en daarmee de maximale verwarmingscapaciteit. Het model rekent met 1 verwarmingsnet: buisrail, onder het gewas. [Lees hier meer over warmteafgifte van buizen.](/space/G2/36045027/4.1+Warmteafgifte+van+buizen)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Buisdiameter**
> 
> Met deze input kan de diameter [mm] van de verwarmingsbuizen worden ingesteld. Het aantal buizen per meter kap in combinatie met de buisdiameter bepaalt het verwarmend oppervlak van het verwarmingsnet en daarmee de maximale verwarmingscapaciteit. Het model rekent met 1 verwarmingsnet: buisrail, onder het gewas. [Lees hier meer over warmteafgifte van buizen.](/space/G2/36045027/4.1+Warmteafgifte+van+buizen)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **CO**<sub>**2 **</sub>**doseercapaciteit**
> 
> CO<sub>2</sub> wordt overdag of wanneer er belicht wordt in de kas geblazen (gedoseerd) om de groei van planten te stimuleren en daarmee de productie te verhogen. Kassim regelt de ingestelde CO<sub>2 </sub>concentratie op basis van de maximale CO<sub>2 </sub>doseercapaciteit [kg/ha/h]. Zie ook de input [Setpoint CO](#CO2_setpoint)<sub>[2](#BegrippenlijstKassim-CO2setpoint)</sub>.

  


  


> Macro (panel)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Setpoint verwarmen**
> 
> Als de kaslucht temperatuur lager wordt dan de hier ingestelde waarde [°C] dan schakelt de verwarming in totdat de gewenste kaslucht temperatuur bereikt is. Wanneer het erg koud is kan het voorkomen dat het maximale verwarmingsvermogen, en/of de maximale buistemperatuur en/of het verwarmend oppervlak te laag zijn om de gevraagde setpoint temperatuur te realiseren. Zie ook de output [Verwarmingsvermogen](#-Totale_warmteafgifte_buizen).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Minimum buistemperatuur**
> 
> Een verwarmingsbuis heeft een aanvoer- en retourtemperatuur. Bij verwarmen van de kas zal de retourtemperatuur altijd lager liggen dan de aanvoertemperatuur, omdat het water dat door de buizen stroomt warmte afgeeft aan de kaslucht en daardoor steeds verder afkoelt. Met een minimum buistemperatuur [°C] kan de aanvoertemperatuur van de buizen op een minimale waarde gehouden worden. Hierdoor kan bijvoorbeeld overtollige warmte uit de warmtebuffer afgelucht worden of voor meer luchtverplaatsing in de kas gezorgd worden (actief klimaat). [Lees hier meer over warmteafgifte van buizen.](/space/G2/36045027/4.1+Warmteafgifte+van+buizen)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Maximum buistemperatuur**
> 
> Een verwarmingsbuis heeft een aanvoer- en retourtemperatuur. Bij verwarmen van de kas zal de retourtemperatuur altijd lager liggen dan de aanvoertemperatuur, omdat het water dat door de buizen stroomt warmte afgeeft aan de kaslucht en daardoor steeds verder afkoelt. Met een maximum buistemperatuur [°C] kan de aanvoertemperatuur van de buizen op een maximale waarde begrensd worden. [Lees hier meer over warmteafgifte van buizen.](/space/G2/36045027/4.1+Warmteafgifte+van+buizen)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Setpoint ventileren op temperatuur**
> 
> Als de kaslucht temperatuur boven het setpoint ventileren op temperatuur [°C] uitkomt, dan wordt er geventileerd totdat de gewenste kaslucht temperatuur is bereikt.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **P-band ventilatie op temperatuur**
> 
> P-band ventilatie op temperatuur geeft het kastemperatuurgebied [°C] boven het setpoint voor ventileren op temperatuur aan, waarbinnen de ramen proportioneel van dicht (0 %) naar open (100 %) gaan. Hoe kleiner de P-band wordt gekozen, des te sneller de ramen zullen openen en sluiten bij een temperatuurverandering boven het setpoint voor ventileren op temperatuur. Voorbeeld: Stel dat het setpoint voor ventileren op temperatuur op 20 °C staat en de P-band ventilatie op 5 °C staat. In dit geval zullen de ramen bij een kaslucht temperatuur van 25 °C volledig geopend zijn. Stel dat de P-band op 3 °C wordt ingesteld, dan zullen de ramen al volledig open zijn bij een kaslucht temperatuur van 23 °C.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Setpoint ventileren op vocht**
> 
> Als de relatieve luchtvochtigheid van de kaslucht boven het setpoint ventileren op vocht [%] uitkomt, dan wordt er geventileerd totdat de gewenste relatieve vochtigheid in de kas is bereikt.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **P-band ventilatie op vocht**
> 
> P-band ventilatie op vocht geeft het gebied van relatieve luchtvochtigheid in de kas [°C] boven het setpoint voor ventileren op vocht aan, waarbinnen de ramen proportioneel van dicht (0 %) naar open (100 %) gaan. Hoe kleiner de P-band wordt gekozen, des te sneller de ramen openen en sluiten bij een verandering in vochtigheid boven het setpoint voor ventileren op vocht. Voorbeeld: Stel dat het setpoint voor ventileren op vocht op 80 % staat en de P-band ventilatie op 5 % staat. In dit geval zullen de ramen bij een relatieve luchtvochtigheid in de kas van 85 % volledig geopend zijn. Stel dat de P-band op 3 % wordt ingesteld, dan zullen de ramen al volledig open zijn bij een relatieve luchtvochtigheid in de kas van 83 %.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Minimum raamstand luwe zijde**
> 
> Door de ramen te openen wordt de kaslucht ververst met buitenlucht. Dit heet ventileren en is nodig om te voorkomen dat het te warm of te vochtig wordt. Als er CO<sub>2</sub> gedoseerd wordt is dit ongunstig omdat de gedoseerde CO<sub>2</sub> dan snel naar buiten verdwijnt. Als er geen CO<sub>2</sub> gedoseerd wordt, is overdag ventileren juist gunstig omdat de CO<sub>2</sub>, die opgenomen is door de planten, dan aangevuld wordt. De zijde van de kas waar de wind vandaan komt, wordt de windzijde genoemd. De andere zijde wordt de luwe zijde of soms ook lijzijde genoemd. De minimum raamstand luwe zijde [%] geeft aan hoe ver de ramen tenminste open worden gehouden aan de luwe zijde van de kas. Bij 0 % zijn de ramen gesloten en bij 100 % zijn de ramen volledig geopend. Zie ook de output [Raamstand luwe zijde](#Raamstand_luwe_zijde).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Minimum raamstand windzijde**
> 
> Door de ramen te openen wordt de kaslucht ververst met buitenlucht. Dit heet ventileren en is nodig om te voorkomen dat het te warm of te vochtig wordt. Als er CO<sub>2</sub> gedoseerd wordt is dit ongunstig omdat de gedoseerde CO<sub>2</sub> dan snel naar buiten verdwijnt. Als er geen CO<sub>2</sub> gedoseerd wordt, is overdag ventileren juist gunstig omdat de CO<sub>2</sub>, die opgenomen is door de planten, dan aangevuld wordt. De zijde van de kas waar de wind vandaan komt, wordt de windzijde genoemd. De andere zijde wordt de luwe zijde of soms ook lijzijde genoemd. De minimum raamstand windzijde [%] geeft aan hoe ver de ramen tenminste open worden gehouden aan de windzijde van de kas. Bij 0 % zijn de ramen gesloten en bij 100 % zijn de ramen volledig geopend. Zie ook de output [Raamstand windzijde](#Raamstand_windzijde).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Maximum raamstand**
> 
> Met de maximum raamstand [%] kan de maximale opening van de ramen aan zowel luwe als windzijde begrensd worden.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Naloop windzijde**
> 
> De luchtramen van een kas worden in de regel als eerste aan de luwe zijde geopend. Met de naloop [%] kan ingesteld worden vanaf welke raampositie aan de luwe zijde de ramen aan de windzijde beginnen te openen. Zie ook de output [Raamstand windzijde](#Raamstand_windzijde).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Setpoint CO**<sub>**2 **</sub>
> 
> CO<sub>2</sub> wordt overdag of wanneer er belicht wordt in de kas geblazen (gedoseerd) om de groei van planten en daarmee de productie te verhogen. Kassim regelt de CO<sub>2 </sub>concentratie in de kas op basis van de ingestelde streefwaarde voor de CO<sub>2 </sub>concentratie [ppm]. Zie ook de input [CO2 doseercapaciteit.](#CO2_doseercapaciteit)

  


  


> Macro (panel)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Schermen**
> 
> Kassim kan met maximaal 3 schermen tegelijk rekenen. Per scherm kan een keuze gemaakt worden uit een aantal schermen in 3 categorieen:
> 
> - [Energieschermen ](/space/KAS/24084691/Energieschermen)
> - [Schaduwschermen](/space/KAS/24084702/Zonweringschermen)
> - [Verduisteringsscherme](/space/KAS/24084697/Verduisteringschermen)n
> 
> Een scherm heeft een aantal specifieke eigenschappen met **vetgedrukt** de verwijzing naar de tabel hieronder:
> 
> - Lichttransmissie (**Them**).  
> Het model rekent met UV (300-400 nm), VIS/PAR (400-700 nm) en NIR (700-2500 nm). De lichttransmissie wordt meestal uitgedrukt in de Hemisferische transmissie (Them). Als een hoog isolerend scherm ook hoog transparant is kan dit overdag langer gebruikt kan worden bij koud weer.
> - Transmissie voor Near Infrared Radiation (**T NIR**)  
> Dit deel van het zonlicht wordt niet gebruikt voor fotosynthese en heeft alleen invloed op de energiebalans van de kas. Een hoge NIR transmissie is voordelig in de winter omdat al het zonlicht dan welkom is voor verwarming van de kas. In de zomer is een lage NIR transmissie juist gewenst omdat de kas dan minder opgewarmd wordt wat allerlei voordelen heeft zoals minder ventileren en een hoger CO2-niveau.
> - Lichtabsorptie (**Abs**)  
> Het licht wat niet doorgelaten en gereflecteerd wordt, wordt door het scherm geabsorbeerd en zorgt voor opwarming van het scherm. Bij hoog-transparante schermen is de absorptie laag, Schaduwschermen en verduisterschermen  hebben vaak een aluminium of witte onder- en/of bovenzijde. Bij daglengtegevoelige planten wordt vaak een scherm met zwarte onderkant gebruikt om het lichtnviveau zo laag mogelijk te houden.
> - Transmissie voor langolvige straling (**T FIR**)  
> Langgolvige straling, ook wel warmtestraling en Far Infrared Radiation (FIR) genoemd, is straling die een object uitzendt als gevolg van de temperatuur van het object. Schermen met een lage FIR transmissie houden bij koud weer de warmtestraling vanuit de kas (gewas) naar de hemel tegen waardoor de kas minder stralingswarmte verliest. Het ligt dan aan de emissiecoefficient van het scherm of deze straling geabsorbeerd wordt (scherm warmt op) of op zijn beurt weer uitgestraald.
> - Emissiecoefficient (**Eps**)  
> De emissiviteit van een oppervlak is de effictiviteit waarmee energie als warmtestraling uitgestraald kan worden. Om te voorkomen een scherm de geabsorbeerde warmte van de kas naar de hemel uitstraalt moet de emissiecoefficient zo laag mogelijk zijn.
> - Diffusiteit (**Diffuus**)  
> Een diffuus scherm zorgt voor een beter verdeling van direct zonlicht en kan, afhankelijk van het gewas en o.a. stralingsniveau, voor een hogere fotosynthese zorgen.
> - Warmte-isolatie (**Enerbiebesparing**)  
> De effectieve energiebesparing met een scherm gerealiseerd kan worden hangt van een groot aantal factoren af maar wordt voornamelijk bepaald wordt door de luchtdoorlatendheid van het scherm. Een geperforeerd scherm zal een veel lagere isolerende werking hebben dan een dicht doek. Ook de **T FIR** en **Eps** spelen hierbij een rol.
> 
> Er kan gekozen worden uit de volgende schermen:
> 
> | Naam | Them [%] | T NIR [%] | Abs [%] | T FIR [%] | Eps [-] | Diffuus | Energiebesparing |  |
> | --- | --- | --- | --- | --- | --- | --- | --- | --- |
> | Energie: T=89% heldere folie | 81 | 81 | 10 | 60 | 0.36 | Nee | Hoog |  |
> | Energie: T=73% diffuus dicht | 73 | 73 | 10 | 35 | 0.44 | Ja | Hoog |  |
> | Energie: T=69% diffuus dicht | 69 | 69 | 10 | 35 | 0.42 | Ja | Hoog |  |
> | Energie: T=54% diffuus dicht | 40 | 54 | 20 | 25 | 0.54 | Ja | Hoog |  |
> | Energie: T=44% diffuus dicht | 22 | 44 | 20 | 18 | 0.64 | Ja | Hoog |  |
> | Energie: T=59% helder open | 45 | 59 | 10 | 35 | 0.49 | Nee | Laag |  |
> | Schaduw: T=25% bandjes open | 25 | 25 | 10 | 11 | 0.2 | Nee | Laag |  |
> | Schaduw: T=15% bandjes open | 12 | 12 | 10 | 0 | 0.32 | Nee | Hoog |  |
> | Schaduw: T=25% diffuus dicht | 25 | 25 | 20 | 0 | 0.35 | Ja | Hoog |  |
> | Schaduw: T=11% diffuus dicht | 11 | 11 | 10 | 0 | 0.28 | Ja | Hoog |  |
> | Verduister: zwart boven wit onder | 1 | 1 | 80 | 0 | 0.95 | Nee | Hoog |  |
> | Verduister: wit boven zwart onder | 1 | 1 | 20 | 0 | 0.84 | Nee | Hoog |  |
> 
> De schermkier [%] geeft aan hoe ver het scherm is gesloten (een kier van 0 % betekent geheel gesloten) en dit kan per scherm worden ingesteld. Afhankelijk van de porositeit van het scherm is er uitwisseling tussen de lucht boven en onder het scherm. Schaduwschermen worden gebruikt bij hoge instraling en zullen daarom vaak meer lucht doorlaten dan een energiescherm dat juist moet isoleren. Daarnaast stroomt er lucht langs het scherm wanneer dit op een kier getrokken wordt. Met de button  kan <u><span style="color: #003366">na een simulatie</span></u> de optische informatie van het scherm opgevraagd worden. Zie ook de beschikbare outputs voor de [Schermen](#Positie_scherm).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Topbelichting**
> 
> Met topbelichting wordt aangegeven of er assimilatiebelichting boven het gewas gebruikt wordt door middel van lampen. Als lamptype kan voor SON-T (<span style="color: #202122">hogedruknatrium) </span>of LED lampen gekozen worden. LED lampen hebben gemiddeld een iets hoger rendement dan SON-T lampen wat betekent dat er minder warmte geproduceerd wordt bij dezelfde hoeveelheid PAR [µmol/m<sup>2</sup>/s]. Ook <span style="color: #202122">kan de warmte die LEDs produceren door middel van waterkoeling worden opgevangen en afgevoerd en in theorie worden hergebruikt, dit in tegenstelling tot hogedruknatriumlampen. Bij topbelichting </span>stralen de lampen naar beneden waarbij een deel van het zichtbare en infrarode licht door het gewas en de vloer weer gereflecteerd wordt. De belichtingslichtintensiteit wordt opgegeven in µmol/m<sup>2</sup>/s. Zie ook de beschikbare outputs voor [Topbelichting](#Temperatuur_armatuur_topbelichting).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Tussenbelichting**
> 
> Met tussenbelichting wordt aangegeven of er assimilatiebelichting tussen het gewas gebruikt wordt door middel van lampen. Omdat SON-T lampen (hogedruknatrium) normaal gesproken erg heet worden, zijn deze niet geschikt voor tussenbelichting. LED lampen kunnen wel worden gebruikt voor tussenbelichting. De tussenbelichting is zijwaards gericht waardoor de helft van het licht naar boven en de helft naar beneden gestraald wordt. In het model hangen de lampen tussen de onderste en de middelste gewaslaag, ook bij lage en compacte gewassen. Hierdoor kan de positie van de tussenbelichting in de figuur misleidend zijn bij deze gewassen. De belichtingsintensiteit wordt opgegeven in µmol/m<sup>2</sup>/s.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Verneveling**
> 
> Verneveling wordt gebruikt om te koelen (adiabatisch principe) of om de luchtvochtigheid van de kaslucht te verhogen. Een vernevelingsinstallatie heeft een bepaalde vaste capaciteit die ingesteld wordt met de zogenaamde nozzle capaciteit (dit geldt voor continu vernevelen). De nozzle capaciteit wordt opgegeven in g/m<sup>2</sup>/h. Door de nozzles telkens een korte periode aan (pulsduur) en weer uit (pauze tijd) te zetten kan de hoeveelheid verneveld water en daarmee de luchtvochtigheid en/of koelvermogen geregeld worden. [Lees hier meer over verneveling.](/space/G2/36044997/4.2+Verneveling+of+adiabatische+koeling)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Geforceerde ventilatie/buitenluchtaanzuiging**
> 
> Door middel van ventilatoren in de kasgevel en een verdeelsysteem in de vorm van luchtslurven kan buitenlucht geforceerd de kas in worden geblazen en (door het scherm) worden afgelucht door de luchtramen. Dit wordt ook wel mechanische ventilatie genoemd. Met deze input kan de ventilatiesnelheid worden opgegeven in m<sup>3</sup>/m<sup>2</sup>/h. [Lees hier meer over het geforceerd inblazen van buitenlucht.](/space/G2/36045003/4.3+Ontvochtigen+met+het+inblazen+van+buitenlucht)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Grondkoeling**
> 
> Bij sommige grondgebonden teelten wordt de grond actief gekoeld met een koelmachine om de wortels van het gewas koel te houden. Met het s<span style="color: #000000">etpoint grondtemperatuur [°C] kan de grondlaag onder de vloer op een bepaalde temperatuur ingesteld worden. De kasvloer en daarmee kasluchttemperatuur zullen hierdoor lager worden dan zonder grondkoeling. Overigens wordt in de praktijk de kasvloer meestal geïsoleerd zodat het koelen van de grond geen invloed heeft op de temperatuur van de vloer en kaslucht.</span>

  


### Outputs

De outputs zijn alle resultaten die berekend worden door Kassim. Outputs kunnen niet door gebruikers worden aangepast. Alle outputs staan in de virtuele kas omgeving die de rechterzijde van de interface in beslag neemt. In de onderstaande afbeelding is de virtuele kas omgeving met outputs aangegeven met een <span style="color: #333399">**blauw**</span> kader. Outputs worden aangegeven met een afkorting of een icoon. Door met de muis op een output te gaan staan in Kassim kan de volledige naam worden geïnspecteerd. Hieronder volgt een overzicht met uitleg van alle outputs.

  


  


  


  


  


> Macro (panel)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Globale zonnestraling**
> 
> Afkorting: Globaal
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> <span style="color: #333333">Deze output geeft de intensiteit van de globale zonnestraling weer. Dit is de som van direct en diffuus zonlicht in het golflengtebereik tussen 300 en 2500 nm ter hoogte van het aardoppervlak.</span> [Lees hier meer over globale straling.](/space/KAS/24084827/Globale+straling)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Diffuse zonnestraling**
> 
> Afkorting: Diffuus
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Diffuse zonnestraling is straling die weerkaatst is door bijvoorbeeld het wolkendek voordat deze de aarde bereikt. In tegenstelling tot directe straling die maar één richting heeft komt diffuse straling van alle kanten. [Lees hier meer over direct en diffuus licht.](/space/KAS/24084837/Direct+en+diffuus+licht)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **PAR zon**
> 
> Afkorting: PAR
> 
> Eenheid: µmol/m<sup>2</sup>/s
> 
> PAR is een afkorting van *photosynthetically active radiation*. Vertaald naar het Nederlands is dat fotosynthetisch actieve straling. PAR is het deel binnen het lichtspectrum dat planten kunnen gebruiken voor fotosynthese. [Lees hier meer over het lichtspectrum.](/space/KAS/24084832/Spectrum)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Azimut zon**
> 
> Afkorting: Azimut
> 
> Eenheid: °
> 
> Het azimut van de zon is de horizontale coördinaat waarmee de positie van de zon wordt aangegeven.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Elevatie zon**
> 
> Afkorting: Elevatie
> 
> Eenheid: °
> 
> De elevatie van de zon is de verticale coördinaat waarmee de positie van de zon wordt aangegeven.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Zonsopgang**
> 
> Afkorting: Zon op
> 
> Deze output geeft het tijdstip van zonsopgang aan voor de gekozen datum.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Zonsondergang**
> 
> Afkorting: Zon onder
> 
> Deze output geeft het tijdstip van zonsondergang aan voor de gekozen datum.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Hemeltemperatuur**
> 
> Afkorting: T hemel
> 
> Eenheid: °C
> 
> Uitstraling is een belangrijk onderdeel van het energieverlies van de kas. Dit komt doordat de kas een relatief warm object vormt tegenover een "hemel" die zeer koud kan zijn. De hemeltemperatuur geeft aan hoe "koud" de hemel is. Bewolking is van grote invloed op de hemeltemperatuur. [Lees hier meer over uitstraling.](/space/G2/36045017/2.4+Afkoeling+door+uitstraling)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Temperatuur buitenlucht**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: °C
> 
> Deze output geeft de temperatuur van de buitenlucht aan. Bij lage temperaturen en vooral in combinatie met harde wind verliest een kas veel warmte. Door een hoogisolerend kasdek te kiezen kan dit warmteverlies flink beperkt worden. [Lees hier meer over hoogisolerend kasdek.](/space/KAS/24084755/Hoogisolerend+kasdek)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Relatieve vochtigheid buitenlucht** 
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: %
> 
> Deze output geeft de relatieve vochtigheid van de buitenlucht aan. [Lees hier meer over luchtvochtigheid.](https://wiki-groenkennisnet.atlassian.net/wiki/spaces/G2/pages/36044887)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Absolute vochtigheid buitenlucht** 
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: g/m<sup>3</sup>
> 
> Deze output geeft de absolute vochtigheid van de buitenlucht aan. [Lees hier meer over luchtvochtigheid.](/space/G2/36044887/2.2.1+De+basisbegrippen+in+het+Psychrodiagram)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Windsnelheid**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: m/s
> 
> Deze output geeft de windsnelheid aan. Zie ook de input [Windsnelheid](#Windsnelheid).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Enthalpie buitenlucht** 
> 
> Afkorting: Enthalpie
> 
> Eenheid: kJ/kg
> 
> Deze output geeft de enthalpie van de buitenlucht aan. [Lees hier meer over enthalpie.](/space/G2/36044887/2.2.1+De+basisbegrippen+in+het+Psychrodiagram)

  


  


> Macro (panel)
> 
> > ⚠️ ##### Let op: als er een scherm wordt gebruikt, wordt er onderscheid gemaakt tussen de kaslucht onder en boven het scherm.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Temperatuur kaslucht**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: °C
> 
> Deze output geeft de temperatuur van de kaslucht aan.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Relatieve vochtigheid kaslucht** 
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: %
> 
> Deze output geeft de relatieve vochtigheid van de kaslucht aan. [Lees hier meer over luchtvochtigheid.](/space/G2/36044887/2.2.1+De+basisbegrippen+in+het+Psychrodiagram)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Absolute vochtigheid kaslucht** 
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: g/m<sup>3</sup>
> 
> Deze output geeft de absolute vochtigheid van de kaslucht aan. [Lees hier meer over luchtvochtigheid.](/space/G2/36044887/2.2.1+De+basisbegrippen+in+het+Psychrodiagram)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Enthalpie kaslucht** 
> 
> Afkorting: Enthalpie
> 
> Eenheid: kJ/kg
> 
> Deze output geeft de enthalpie van de kaslucht aan. [Lees hier meer over enthalpie.](/space/G2/36044887/2.2.1+De+basisbegrippen+in+het+Psychrodiagram)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> ** CO**<sub>**2 **</sub>**concentratie kaslucht** 
> 
> Symbool: 
> 
> Eenheid: ppm
> 
> Deze output geeft de CO<sub>2 </sub>concentratie van de kaslucht aan. Door CO<sub>2</sub> te doseren kan de concentratie worden verhoogd. Zie ook de input [CO2 doseercapaciteit.](#CO2_doseercapaciteit).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> ** Dauwpuntstemperatuur kaslucht** 
> 
> Afkorting: Dauwpunt
> 
> Eenheid: °C
> 
> Deze output geeft het dauwpunt van de kaslucht aan. [Lees hier meer over het dauwpunt en condensatie.](/space/G2/36045034/2.2.2+Praktische+toepassingen+van+het+Psychrodiagram)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> ** Vochtdeficiet kaslucht** 
> 
> Afkorting: VD
> 
> Eenheid: g/m<sup>3</sup>
> 
> Deze output geeft het vochtdeficiet van de kaslucht aan. [Lees hier meer over het vochtdeficiet.](/space/G2/36044887/2.2.1+De+basisbegrippen+in+het+Psychrodiagram)

  


> Macro (panel)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Inkomende PAR**
> 
> Afkorting: PAR
> 
> Eenheid: µmol/m<sup>2</sup>/s
> 
> Deze output geeft de PAR intensiteit boven het gewas weer zoals die door een PAR-meter wordt gemeten (alleen neerwaards). Dit is de som van de globale straling en de assimilatiebelichting minus de door het kasdek en de kasconstructie geblokkeerde straling. Zie ook de output [PAR zon](#PAR_zon). [Lees hier meer over het lichtspectrum.](/space/KAS/24084832/Spectrum)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **LAI**
> 
> Afkorting: LAI
> 
> Eenheid: m<sup>2</sup>/m<sup>2</sup>
> 
> LAI is een afkorting van *leaf area index* ofwel bladoppervlakte-index. De LAI geeft aan hoeveel m<sup>2</sup> bladoppervlak er is per m<sup>2</sup> grondoppervlak en is dus een dimensieloos getal [m<sup>2</sup>/m<sup>2</sup>]. De LAI bepaalt de lichtonderschepping van het gewas en daarmee de fotosynthese en verdamping.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Temperatuur gewas**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: °C
> 
> De temperatuur van het gewas zal niet overal gelijk zijn. Bij veel instraling zal de temperatuur in de kop van het gewas hoger zijn dan onderin, 's nachts is dit juist andersom. Deze output geeft de gemiddelde temperatuur van het gewas aan. 
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Verdamping gewas**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: g/m<sup>2</sup>/h
> 
> Deze output geeft de totale verdamping van het gewas aan. [Lees hier meer over de rol van verdamping binnen de energiebalans van planten.](/space/G2/36044906/1.3+De+energiebalans+van+de+plant)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Latente verdampingswarmte gewas**
> 
> Afkorting: Latent
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft de totale latente verdampingswarmte van het gewas aan. De latente verdampingswarmte is de warmte die nodig is om water te laten verdampen. Deze warmte wordt aan het gewas onttrokken waardoor het afkoelt en, afhankelijk van de hoeveelheid straling, waardoor de bladtemperatuur onder de luchttemperatuur kan komen te liggen. [Lees hier meer over de rol van verdamping binnen de energiebalans van planten.](/space/G2/36044906/1.3+De+energiebalans+van+de+plant)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Condensatie gewaslaag**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: droog of nat
> 
> Deze output geeft voor het gehele gewas aan of er condensatie optreedt. [Lees hier meer over het dauwpunt en condensatie.](/space/G2/36045034/2.2.2+Praktische+toepassingen+van+het+Psychrodiagram)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Bruto fotosynthese gewas**
> 
> Afkorting: Bruto fot.
> 
> Eenheid: g CO2/m<sup>2</sup>/h
> 
> Deze output geeft de totale bruto fotosynthese van het gewas weer als de hoeveelheid CO<sub>2</sub> die een plant per tijdseenheid opneemt. Tegelijkertijd wordt door de plant ook CO<sub>2</sub> uitgestoten door onderhouds- en groeiademhaling. Ademhaling wordt ook dissimilatie of verbranding genoemd. De netto opgenomen CO<sub>2</sub> kan dan worden gebruikt voor groei.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Ademhaling gewas**
> 
> Afkorting: Onderh. adem. en Groei adem.
> 
> Eenheid: g CO2/m<sup>2</sup>/h
> 
> Een plant maakt bij de fotosynthese (assimilatie) suikers uit CO<sub>2</sub> en water. Bij de ademhaling wordt een deel van die suikers verbrand om energie voor de plant beschikbaar te krijgen en is daarmee het omgekeerde van fotosynthese. De ademhaling bestaat uit twee componenten: onderhouds- en groeiademhaling. De onderhoudsademhaling wordt bepaald door het plantgewicht (drogestof) en de temperatuur van de plant. De groeiademhaling is afhankelijk van de groeisnelheid van het gewas en de verschillende organen zoals vruchten, blad en stengel.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Netto fotosynthese gewas**
> 
> Afkorting: Netto fot.
> 
> Eenheid: g CO2/m<sup>2</sup>/h
> 
> Deze output geeft de totale netto fotosynthese van het gewas weer als de bruto fotosynthese minus de ademhaling.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Geabsorbeerde kortgolvige straling**
> 
> Afkorting: SWR abs.
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> SWR is een afkorting van *short wave radiation*. Vertaald naar het Nederlands is dat kortgolvige straling. Deze output geeft de kortgolvige straling aan die door het gewas wordt geabsorbeerd. Kortgolvige straling bestaat uit UV (300-400 nm), PAR (400-700nm) en NIR (700-3000 nm). De geabsorbeerde kortgolvige straling wordt omgezet in warmte waardoor de bladeren opwarmen. [Lees hier meer over het lichtspectrum.](/space/KAS/24084832/Spectrum)
> 
>   
> 
> 
> > ⚠️ ##### Let op: de volgende outputs worden voor drie verschillende lagen binnen het gewas weergegeven; boven midden en onder.
> > ⚠️ 
> > ⚠️ > Macro (anchor)
> > ⚠️ 
> > ⚠️ **PAR gewaslaag**
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Afkorting: PAR
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Eenheid: µmol/m<sup>2</sup>/s
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Deze outputs geven de PAR voor de verschillende gewaslagen weer. PAR is een afkorting van *photosynthetically active radiation*. Vertaald naar het Nederlands is dat fotosynthetisch actieve straling. PAR is het deel binnen het lichtspectrum dat planten kunnen gebruiken voor fotosynthese. [Lees hier meer over het lichtspectrum.](/space/KAS/24084832/Spectrum)
> > ⚠️ 
> > ⚠️ > Macro (anchor)
> > ⚠️ 
> > ⚠️ **Temperatuur gewaslaag**
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Icoon: 
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Eenheid: °C
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Deze outputs geven de temperatuur voor de verschillende gewaslagen weer.
> > ⚠️ 
> > ⚠️ > Macro (anchor)
> > ⚠️ 
> > ⚠️ **Verdamping gewaslaag**
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Icoon: 
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Eenheid: g/m<sup>2</sup>/h
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Deze outputs geven de verdamping voor de verschillende gewaslagen weer. [Lees hier meer over de rol van verdamping binnen de energiebalans van planten.](/space/G2/36044906/1.3+De+energiebalans+van+de+plant)
> > ⚠️ 
> > ⚠️ > Macro (anchor)
> > ⚠️ 
> > ⚠️ **Latente verdampingswarmte gewaslaag**
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Afkorting: Latent
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Deze outputs geven de latente verdampingswarmte voor de verschillende gewaslagen weer. De latente verdampingswarmte is de warmte die nodig is om water te laten verdampen. Deze warmte wordt aan het gewas onttrokken waardoor het afkoelt en, afhankelijk van de hoeveelheid straling, waardoor de bladtemperatuur onder de luchttemperatuur kan komen te liggen. [Lees hier meer over de rol van verdamping binnen de energiebalans van planten.](/space/G2/36044906/1.3+De+energiebalans+van+de+plant)
> > ⚠️ 
> > ⚠️ > Macro (anchor)
> > ⚠️ 
> > ⚠️ **Condensatie gewaslaag**
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Icoon: 
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Eenheid: droog of nat
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Deze outputs geven per gewaslaag aan of er condensatie optreedt. [Lees hier meer over het dauwpunt en condensatie.](/space/G2/36045034/2.2.2+Praktische+toepassingen+van+het+Psychrodiagram)
> > ⚠️ 
> > ⚠️ > Macro (anchor)
> > ⚠️ 
> > ⚠️ **Bruto fotosynthese gewaslaag**
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Afkorting: Bruto fot.
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Eenheid: g/m<sup>2</sup>/h
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Deze outputs geven de bruto fotosynthese voor de verschillende gewaslagen weer. De totale hoeveelheid glucose die een plant per tijdseenheid vastlegt wordt bruto fotosynthese genoemd. De netto fotosynthese is de bruto fotosynthese minus wat de plant verbruikt voor onderhouds- en groeiademhaling. Ademhaling wordt ook dissimilatie of verbranding genoemd.
> > ⚠️ 
> > ⚠️ > Macro (anchor)
> > ⚠️ 
> > ⚠️ **Dampdrukdeficiet gewaslaag**
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Afkorting: VPD
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Eenheid: kPa
> > ⚠️ 
> > ⚠️ Deze outputs geven de dampdrukdeficiet voor de verschillende gewaslagen weer. [Lees hier meer over het vochtdeficiet.](/space/G2/36044887/2.2.1+De+basisbegrippen+in+het+Psychrodia)

  


> Macro (panel)
> 
> > ⚠️ ##### Let op: als de ramen gesloten zijn, vindt er nog steeds uitwisseling van lucht plaats tussen de kas en de buitenomgeving. Dit is de lek ventilatie, ook wel infiltratie genoemd.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Raamstand luwe zijde**
> 
> Afkorting: Raam luw
> 
> Eenheid: %
> 
> Deze output geeft de raamstand aan de luwe zijde van de kas. De ramen van een kas kunnen geopend worden om buitenlucht toe te laten. Dit heet ventileren. De zijde van de kas waar de wind vandaan komt, wordt de windzijde genoemd. De andere zijde wordt de luwe zijde of soms ook lijzijde genoemd. Bij 0 % zijn de ramen gesloten en bij 100 % zijn de ramen volledig geopend. Zie ook de input [Minimum raamstand luwe zijde](#Minimum_raamstand_luwe_zijde).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Raamstand windzijde**
> 
> Afkorting: Raam wind
> 
> Eenheid: %
> 
> Deze output geeft de raamstand aan de windzijde van de kas. De ramen van een kas kunnen geopend worden om buitenlucht toe te laten. Dit heet ventileren. De zijde van de kas waar de wind vandaan komt, wordt de windzijde genoemd. De andere zijde wordt de luwe zijde of soms ook lijzijde genoemd. Bij 0 % zijn de ramen gesloten en bij 100 % zijn de ramen volledig geopend. Zie ook de input [Minimum raamstand windzijde](#Minimum_raamstand_windzijde).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Ventilatie debiet**
> 
> Afkorting: Debiet
> 
> Eenheid: m<sup>3</sup>/m<sup>2</sup>/h
> 
> Deze output geeft aan hoeveel lucht er wordt uitgewisseld tussen de kas en de buitenomgeving door de geopende ramen.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Convectief warmteverlies ventilatie **
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft aan hoeveel voelbare warmte er naar de buitenomgeving gaat door de geopende ramen. Het convectief warmteverlies ten gevolge van ventilatie is gebaseerd op het temperatuurverschil tussen de kaslucht en de buitenlucht.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Vocht flux ventilatie **
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: g/m<sup>2</sup>/h
> 
> Deze output geeft aan hoeveel vocht er naar de buitenomgeving gaat door de geopende ramen.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Latent warmte verlies ventilatie **
> 
> Afkorting: Latent
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft weer hoeveel latente warmte er naar de buitenomgeving gaat door de geopende ramen.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **CO**<sub>**2 **</sub>**flux ventilatie **
> 
> Afkorting: CO<sub>2</sub>
> 
> Eenheid: g/m<sup>2</sup>/h
> 
> Deze output geeft weer hoeveel CO<sub>2</sub> er naar de buitenomgeving gaat door de geopende ramen. Zie ook de inputs [Minimum raamstand luwe zijde en windzijde](#Minimum_raamstand_luwe_zijde).

  


> Macro (panel)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Hemisferische PAR-transmissie kasdek**
> 
> Afkorting: Tr. hem.
> 
> Eenheid: %
> 
> Deze output geeft de hemisferische PAR-transmissie van het kasdek weer. Dit is het totaal van het kasdekmateriaal (glas of folie) en de kasconstructie (nok, roeden en tralie). De hemisferische transmissie is constant en geldt voor het diffuse aandeel van de globale straling. Dit aandeel loopt van ca. 25 % bij heldere hemel in de zomer tot 100 % bij zware bewolking of mist. [Lees hier meer over lichttransmissie van kasdekmateriaal.](/space/KAS/24084721/Transmissie)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Directe PAR-transmissie kasdek**
> 
> Afkorting: Tr. dir.
> 
> Eenheid: %
> 
> Deze output geeft de directe PAR-transmissie van het kasdek weer. Dit is het totaal van het kasdekmateriaal (glas of folie) en de kasconstructie (nok, roeden en tralie). De directe transmissie is variabel en afhankelijk van de invalshoek van het directe aandeel van de globale straling op de kas. De invalshoek wordt bepaald door de stand van de zon die verandert gedurende de dag en het seizoen. Het aandeel direct licht loopt van 0 % bij zware bewolking of mist tot ca. 75% bij heldere hemel in de zomer. [Lees hier meer over lichttransmissie van kasdekmateriaal.](/space/KAS/24084721/Transmissie)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Transmissie kas**
> 
> Afkorting: Tr. kas
> 
> Eenheid: %
> 
> Deze output geeft de totale transmissie van het kasdek weer als percentage van de inkomende globale straling (direct en diffuus) en kan in de praktijk bepaald worden door gelijktijdig met een PAR-meter binnen en buiten de kas te meten. Hoe minder bewolking hoe meer het lichtniveau in de kas afhangt van de locatie van de PAR-sensor (vanwege schaduw) waardoor een transmissiemeting eigenlijk alleen zinvol is bij volledig bewolkt weer. Daarnaast is een dergelijke meting ( waarbij in feite de hemisferische transmissie wordt bepaald) een veel betere maatstaf voor de lichttransmissie van het kasdek omdat tijdens momenten waarbij licht de beperkende factor voor plantengroei is, het licht vaak grotendeels diffuus is (in de herfst en winter periode). [Lees hier meer over lichttransmissie van kasdekmateriaal.](/space/KAS/24084721/Transmissie)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **U-waarde kas**
> 
> Afkorting: U-waarde
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>/K
> 
> Deze output geeft de effectieve U-waarde van de kas als geheel aan. De U-waarde wordt berekend als het actuele verwarmingsvermogen van het verwarmingsnet gedeeld door het temperatuurverschil tussen kaslucht en buitenlucht. Bij kouder weer zal de U-waarde toenemen naarmate de ramen verder open zijn omdat er dan meer warmte verloren gaat door ventilatie. De U-waarde van de kale kasconstructie kan bepaald worden door de ramen te sluiten en zonder gewas te simuleren. [Lees hier meer over hoogisolerend kasdek.](/space/KAS/24084755/Hoogisolerend+kasdek)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Stralingsverlies kasdek**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft het stralingsverlies van het kasdek aan. [Lees hier meer over afkoeling door uitstraling.](/space/G2/36045017/2.4+Afkoeling+door+uitstraling)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Convectief warmteverlies kasdek **
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft aan hoeveel warmte het kasdek verliest door convectie. Het convectief warmteverlies van het kasdek is gebaseerd op het temperatuurverschil tussen de kaslucht en het kasdek.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Temperatuur kasdek**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: °C
> 
> Deze output geeft de temperatuur van het kasdek aan. Bij een enkellaags materiaal zal deze vaak ergens tussen de kasluchttemperatuur en de buitentemperatuur in zitten. Bij een dubbellaags materiaal zal de buitenzijde dicht bij de buitenluchttemperatuur liggen en de binnenzijde dicht bij de kasluchttemperatuur. Doordat de onderkant van het dek (binnenzijde) dan relatief warmer is dan van een enkellaags materiaal zal er minder vocht uit de kaslucht condenseren waardoor er meer geventileerd moet worden. Dit maakt dat dubbellaags kasdekmaterialen in de praktijk vaak minder presteren dan op basis van de isolatiewaarde aangenomen zou kunnen worden. [Lees hier meer over hoogisolerend kasdek.](/space/KAS/24084755/Hoogisolerend+kasdek)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Condensatie kasdek**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: droog of nat
> 
> Deze output geeft aan of er condensatie optreedt bij het kasdek. [Lees hier meer over het dauwpunt en condensatie.](/space/G2/36045034/2.2.2+Praktische+toepassingen+van+het+Psychrodiagram)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Condensatie flux kasdek**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: g/m<sup>2</sup>/h
> 
> Deze output geeft aan hoeveel condensatie er ontstaat aan het kasdek per uur. [Lees hier meer over het dauwpunt en condensatie.](/space/G2/36045034/2.2.2+Praktische+toepassingen+van+het+Psychrodiagram)

  


> Macro (panel)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Temperatuur kasvloer**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: °C
> 
> Deze output geeft de temperatuur van de kasvloer aan. Bij grondkoeling wordt de grondlaag onder de vloer gekoeld waardoor ook de temperatuur van de vloer lager zal liggen. Bij grondkoeling in de praktijk wordt de vloer vaak geïsoleerd waardoor dit effect niet optreedt.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Convectieve warmteafgifte kasvloer**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft aan hoeveel warmte de kasvloer afgeeft aan de kaslucht door middel van convectie. Let op: als de kasvloer kouder is dan de kaslucht, dan geeft de kaslucht juist warmte af aan de kasvloer door middel van convectie.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **PAR kasvloer**
> 
> Afkorting: PAR
> 
> Eenheid: µmol/m<sup>2</sup>/s
> 
> Deze output geeft aan hoeveel PAR de kasvloer bereikt. PAR is een afkorting van *photosynthetically active radiation*. Vertaald naar het Nederlands is dat fotosynthetisch actieve straling. PAR is het deel binnen het lichtspectrum dat planten kunnen gebruiken voor fotosynthese.

  


> Macro (panel)
> 
> > ⚠️ ##### Let op: als er meerdere schermen worden gebruikt, dan worden deze outputs voor elk scherm apart weergegeven.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Positie scherm**
> 
> Afkorting: Pos.
> 
> Eenheid: %
> 
> Deze output geeft de positie van het scherm aan. Bij 0 % is het scherm volledig open en wordt er dus niet geschermd. Een waarde van 100 % geeft aan dat het scherm volledig gesloten is. Voorbeeld: Stel er wordt een kier getrokken van 2 % dan is de weergegeven scherm positie 98 %, omdat het scherm voor 98 % gesloten is. Zie ook de input [Schermen](#Schermen).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Temperatuur scherm**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: °C
> 
> Deze output geeft de temperatuur van het scherm aan. Zie ook de input [Schermen](#Schermen).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Condensatie scherm**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: droog of nat
> 
> Deze output geeft aan of er condensatie optreedt bij het scherm. [Lees hier meer over het dauwpunt en condensatie.](/space/G2/36045034/2.2.2+Praktische+toepassingen+van+het+Psychrodiagram)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Condensatie flux scherm**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: g/m<sup>2</sup>/h
> 
> Deze output geeft aan hoeveel condensatie er ontstaat aan het scherm per uur. [Lees hier meer over het dauwpunt en condensatie.](/space/G2/36045034/2.2.2+Praktische+toepassingen+van+het+Psychrodiagram)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Warmtestraling scherm naar kasdek**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft aan hoeveel warmte het scherm uitstraalt naar het kasdek. [Lees hier meer over afkoeling door uitstraling.](/space/G2/36045017/2.4+Afkoeling+door+uitstraling)

  


> Macro (panel)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Aanvoer buistemperatuur**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: °C
> 
> Een verwarmingsbuis heeft een aanvoer- en retourtemperatuur. Bij verwarmen van de kas zal de retourtemperatuur altijd lager liggen dan de aanvoertemperatuur omdat het water dat door de buizen stroomt warmte afgeeft aan de kaslucht en daardoor steeds verder afkoelt. Deze output geeft de aanvoertemperatuur weer. Zie ook de beschikbare inputs voor [Buistemperatuur](#Minimum_buistemperatuur).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Retour buistemperatuur**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: °C
> 
> Een verwarmingsbuis heeft een aanvoer- en retourtemperatuur. Bij verwarmen van de kas zal de retourtemperatuur altijd lager liggen dan de aanvoertemperatuur omdat het water dat door de buizen stroomt warmte afgeeft aan de kaslucht en daardoor steeds verder afkoelt. Deze output geeft de retourtemperatuur weer. Zie ook de beschikbare inputs voor [Buistemperatuur](#Minimum_buistemperatuur).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Verwarmingsvermogen**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft het vermogen weer dat door de verwarmingsketel in de verwarmingsbuizen gestopt wordt. Het verwarmingsvermogen wordt begrensd door het maximale effectieve ketelvermogen (175 W) en de maximale buistemperatuur. [Lees hier meer over warmteafgifte van buizen.](/space/G2/36045027/4.1+Warmteafgifte+van+buizen)

  


> Macro (panel)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Temperatuur armatuur topbelichting**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: °C
> 
> Deze output geeft de temperatuur van het armatuur van de topbelichting aan. Zie ook de input [Topbelichting](#Topbelichting).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Convectieve warmteafgifte topbelichting**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft aan hoeveel warmte de topbelichting afgeeft aan de kaslucht door middel van convectie. Zie ook de input [Topbelichting](#Topbelichting).
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Kortgolvige straling topbelichting**
> 
> Afkorting: SWR
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> SWR is een afkorting van *short wave radiation*. Vertaald naar het Nederlands is dat kortgolvige straling. Deze output geeft de kortgolvige straling aan afkomstig van de topbelichting. Kortgolvige straling bestaat uit UV (300-400 nm), PAR (400-700nm) en NIR (700-3000 nm). Als kortgolvige straling wordt geabsorbeerd door de plant, dan wordt deze omgezet in warmte waardoor de bladeren opwarmen. Zie ook de input [Topbelichting](#Topbelichting).

  


> Macro (panel)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Koelvermogen verneveling**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft het koelvermogen van de verneveling aan. Verneveling wordt ook wel adiabatische koeling genoemd. [Lees hier meer over verneveling.](/space/G2/36044997/4.2+Verneveling+of+adiabatische+koeling)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Verneveling**
> 
> Icoon: 
> 
> Eenheid: g/m<sup>2</sup>/h
> 
> Deze output geeft het debiet van de verneveling aan. Verneveling wordt gebruikt om te koelen en wordt ook wel adiabatische koeling genoemd. [Lees hier meer over verneveling.](/space/G2/36044997/4.2+Verneveling+of+adiabatische+koeling)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Ontvochtiging door geforceerde ventilatie**
> 
> Afkorting: Ontvocht.
> 
> Eenheid: g/m<sup>2</sup>/h
> 
> Deze output geeft de mate van ontvochting door geforceerde ventilatie aan. Door middel van ventilatoren en een verdeelsysteem (zoals bijvoorbeeld luchtslurven) kan lucht geforceerd de kas in worden geblazen. Dit wordt ook wel mechanische ventilatie genoemd. [Lees hier meer over het geforceerd inblazen van buitenlucht.](/space/G2/36045003/4.3+Ontvochtigen+met+het+inblazen+van+buitenlucht)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **CO**<sub>**2 **</sub>**dosering**
> 
> Afkorting: CO<sub>2</sub> dosering
> 
> Eenheid: g/m<sup>2</sup>/h
> 
> Deze output geeft de CO<sub>2 </sub>dosering aan. CO<sub>2</sub> wordt in de kas geblazen om de groei van planten en daarmee de productie te bevorderen. Zie ook de input [CO2 doseercapaciteit](#CO2_doseercapaciteit).

  


> Macro (panel)
> 
> > ⚠️ ##### Let op: het plusteken of minteken voor deze outputs geeft aan of een positief getal wordt opgeteld of afgetrokken in de energiebalans.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Zonlicht absorptie**
> 
> Afkorting: Zonlicht abs.
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft weer hoeveel zonnestraling door de kas als geheel wordt geabsorbeerd en omgezet in warmte. Omdat een volgroeid gewas veel licht opvangt en daarvan het PAR gedeelte (grofweg de helft) bijna allemaal absorbeerd, speelt het gewas een grote rol in de absorptie van zonlicht en daarmee de opwarming van de kas. De energie die de planten absorberen wordt voor een groot deel gebruikt voor verdamping en waardoor de plant maar ook de gekoeld wordt.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Verwarming**
> 
> Afkorting: Verwarming
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft het verwarmingsvermogen weer, dus hoeveel energie er door de verwarmingsketel in de buizen gestopt wordt. Als de buis warmer is dan de kaslucht hoeft dit niet altijd te betekenen dat er verwarmd wordt, de buis kan namelijk ook opgewarmd worden door zonlicht.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Belichting**
> 
> Afkorting: Belichting
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft weer hoeveel energie er door assimilatiebelichting aan de kas toegevoegd wordt. Dit is per definitie gelijk aan het opgenomen elektrisch vermogen omdat alle elektriciteit die naar de lamp gaat omgezet wordt in warmte (de lamp wordt heet) of licht (zichtbaar en infrarood). LED belichting zal doorgaans energie-efficienter zijn dan SON-T (hogedruknatriumlampen) omdat er meer PAR-licht wordt afgegeven bij hetzelfde elektrisch vermogen.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Bodem**
> 
> Afkorting: Bodem
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft het energieverlies naar de kasvloer (bij koude vloer) of energiewinst (bij warme vloer) weer. De temperatuur van de vloer wordt bepaald door de temperatuur van de diepere bodem (die vrijwel constant is), door de temperatuur van de kaslucht en straling van de zon, lampen en verwarmingsbuizen. Bij sommige gewassen wordt de bodem (een eindje onder de vloer) actief gekoeld.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Uitstraling**
> 
> Afkorting: Uitstraling
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> <span style="color: #333333">Deze output geeft het totale stralingsverlies van de kas weer voor langgolvige straling (warmtestraling). </span>[Lees hier meer over afkoeling door uitstraling.](/space/G2/36045017/2.4+Afkoeling+door+uitstraling)
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Convectief warmteverlies**
> 
> Afkorting: Convectief
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Deze output geeft weer hoeveel warmte de kas verliest door convectie: warmtestroming door verschil in termperatuur. Voorbeelden hiervan zijn de warmteafgifte van het kasdek naar de buitenlucht en het verlies van warme lucht door de luchtramen.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Latent warmteverlies**
> 
> Afkorting: Latent
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Latente warmte is de hoeveelheid energie die nodig is om water te verdampen. Dit wordt ook verdampingsenergie genoemd. Wanneer het gewas water verdampt, wordt daarvoor warmte uit de kas gebruikt. De energie om van water waterdamp te maken, ligt dus eigenlijk opgeslagen in de waterdamp. Wanneer dit vocht met de lucht mee naar buiten verdwijnt door de kasramen, gaat er daarmee warmte verloren. Immers, als de waterdamp weer condenseert komt deze warmte vrij.
> 
> > Macro (anchor)
> 
> **Som**
> 
> Afkorting: Som
> 
> Eenheid: W/m<sup>2</sup>
> 
> Kassim voert een zogenaamde "steady-state" simulatie uit wat betekent dat een bepaalde periode dynamisch gesimuleerd wordt, maar met constante omgevingsinvloeden zoals buitenklimaat en gewas. Hierdoor zijn alle "states" (zoals temperaturen, vochtigheid en CO<sub>2</sub> concentratie) op het einde van de simulatie constant en is de kas in balans. De som van alle componenten uit de energiebalans moet daarom aan het einde van een simulatie altijd 0 of door afrondingsfouten bijna 0 zijn.