---
title: "6.16 Kernpunten van genetische diversiteit en inteelt"
canonical: "https://wiki.groenkennisnet.nl/space/LFH/302056200/6.16%20Kernpunten%20van%20genetische%20diversiteit%20en%20inteelt"
format: markdown
---
1. Genetische diversiteit bestaat uit genetische verschillen binnen een soort: de verschillen tussen rassen en binnen rassen.
2. Genetische diversiteit is belangrijk om de flexibiliteit in een populatie te behouden, om inteeltdepressie te voorkomen en om de toename van het aantal dieren dat lijdt onder monogene recessieve aandoeningen tegen te gaan.
3. Genetische diversiteit wordt beïnvloed door genetische drift en inteelt, selectie, migratie en mutatie.
4. Inteelt geeft de kans aan dat een dier identieke allelen van zijn ouders krijgt omdat die ouders verwant zijn.
5. De additief genetische verwantschap is een schatting van het percentage allelen die twee dieren gemeenschappelijk hebben omdat ze aan elkaar verwant zijn. Door Mendelian Sampling kan de echte additief genetische verwantschap verschillen van de geschatte verwantschap op basis van een stamboom.
6. Inteelt coëfficiënten en additief genetische verwantschap zijn alleen informatief wanneer je weet hoeveel generaties van de stamboom zijn meegenomen (minimaal 5).
7. De inteelttoename in een populatie over generaties is niet lineair en geeft de toename aan van het gemiddelde inteelt niveau van één generatie naar de volgende.
8. De inteelttoename hangt af van de combinatie van het aantal mannetjes en vrouwtjes, het totaal aantal fokdieren, de variatie in familiegrootte en de fluctuatie in de populatiegrootte.
9. De FAO adviseert om de inteelttoename per generatie te beperken tot 0,5 – 1%.