---
title: "9.2\tCasus: Bodemverdichting"
canonical: "https://wiki.groenkennisnet.nl/space/HGB/923467811/9.2%09Casus%3A%20Bodemverdichting"
format: markdown
---
Bodemverdichting is een bekend probleem dat grote financiële gevolgen heeft door bijvoorbeeld de beschikbaarheid van vocht en [Nutriënten](https://wiki.groenkennisnet.nl/space/HGB/923336763/Bijlage+4+Gewasbehoefte) voor gewassen te beperken. Het opheffen, beperken en/of voorkomen is een belangrijk onderwerp voor de Nederlandse landbouw sector.

Door de verschillen in textuur van klei en zanddeeltjes verschillen de processen waarin bodemverdichting ontstaat tussen zand en kleibodems. Kleibodems hebben een relatief hoge cohesie onder droge omstandigheden, maar worden plastischer onder natte omstandigheden. Hoe hoger het kleigehalte onder droge omstandigheden is, hoe sterker de bodem is. Kleibodems blijven echter lang nat onder vochtige omstandigheden. Doordat de bodem onder natte omstandigheden wel plastisch is, kan deze in natte omstandigheden alsnog verdichten.

Bodemverdichting op zand ontstaat doordat tijdens de belasting met zwaar materiaal de bodemdeeltjes samen gedrukt worden. Hierdoor verdwijnen de lucht- en waterhoudende poriën, wat leidt tot een afname van de porositeit. In tegenstelling tot kleibodems hebben zandgronden relatief weinig cohesie. Belasting van de bodem zorgt voor vervorming, waardoor poriën en oude wortelgangen verloren gaan. In deze bodems is het effect van natuurlijk krimpen en zwellen beperkt.

Bodemverdichting in klei is op andere manieren op te lossen dan bodemverdichting in zandgronden. Kleibodems kunnen zich gedeeltelijk herstellen door natuurlijke processen door het zwellen en krimpen van de bodem bij temperatuurverschillen. Dit is echter enkel zichtbaar bij kleigehaltes van boven de 20%. Bovendien is dit een langjarig proces en zal het erg lang nodig hebben om volledig te herstellen. Een alternatieve methode om bodemverdichting op kleigronden op te heffen is de inzet van diep wortelende gewassen. Hierbij zijn echter specifieke omstandigheden nodig. Naast de wortelontwikkeling (een meerjarige penwortel doet het beter dan een eenjarig tweezaadlobbig gewas), zijn ook juiste vochtomstandigheden nodig. Te natte omstandigheden beperken de gasuitwisseling en daardoor ook de wortelgroei. Te droge omstandigheden verhogen de indringingsweerstand en maken het te moeilijk voor de plantenwortel om door de verdichte laag te komen (Bakema, Arthur & van Balen, 2023).

Een extreem verdichte bodem laat echter geen enkele wortel meer door (Figuur 70). In zo’n geval kan geprobeerd worden om met behulp van mechanisatie de bodemverdichting op te heffen. De te nemen maatregel is afhankelijk van de plek van de verdichting.

Vindt de verdichting plaats in de bouwvoor, kan deze opgeheven worden met behulp van de standaard mechanisatie voor het opheffen van bodemverdichting, zoals bijvoorbeeld een (midden)zware [Cultivator](https://wiki.groenkennisnet.nl/space/HGB/923828283/8.6+Cultivator). Een cultivator trekt tanden door de bovenste bodemlaag waardoor harde, compacte kluiten breken. Hierdoor worden samengedrukte bodemdeeltjes (deels) losgemaakt wat zorgt voor een tijdelijke hoge porositeit. Hierdoor wordt de bodem beter belucht wat de wortelontwikkeling stimuleert. Bovendien wordt de waterinfiltratie verbetert, waardoor water gelijkmatiger over het perceel kan infiltreren. Het voordeel van het inzetten van een cultivator is dat veel boeren deze tot hun beschikking hebben en deze gemakkelijk is in gebruik. Het nadeel is dat de bodem snel weer terugvalt in de verdichte status als de algehele bedrijfsvoering niet verandert.

Verdichting in de bouwvoor kan ook worden opgeheven door de bodem te ploegen. Met betrekking tot het opheffen van bodemverdichting heeft het ploegen als voordeel dat een bewerking is die relatief goed in de diepe ondergrond kan komen. Een nadeel van het ploegen is echter dat het een groot risico heeft op herverdichting. Bovendien zorgt de intensieve grondbewerking voor een afbraak van organisch materiaal en bodemleven, wat de natuurlijke weerbaarheid van de bodem verlaagt.

Vindt de verdichting dieper in de bodem plaats (onder de bouwvoor), is de woelpoot vaak de beste methode om de verstorende laag aan te pakken. Een diepe kerende grondbewerking leidt tot de herschikking van de bodemdeeltjes. Dit kan leiden tot een verlies van draagkracht van de bodem waardoor deze snel opnieuw verdicht. Bij het diepwoelen wordt de bodemlagen structuur minimaal gemengd waardoor de kans op herverdichting kleiner is ten opzichte van diepploegen of diepspitten. Het is belangrijk om te [Woelen](https://wiki.groenkennisnet.nl/space/HGB/922845203/7.4+Woelen) onder droge omstandigheden en daarna direct een goed doorwortelend gewas te zaaien om herverdichting te voorkomen. De wortels van bijvoorbeeld een groenbemester vullen de gangen van de machine en voorkomen daarmee interne slemp.

In extreme gevallen kan er wel gekozen worden om de grond diep los te maken en/of keren. Een voorbeeld hiervan is diepspitten. Hierbij wordt de gehele bewerkte bodemlaag gemengd. Dit zorgt naast het oplossen van verstorende lagen voor een vermenging van bodemlagen met een nieuwe bodemtextuur als gevolg. Dit betekent echter ook dat de vruchtbare bouwvoor door de hele laag vermengd wordt, waardoor de nutriënten dieper in de bodem terecht komen. Uiteindelijk wordt door te diepspitten de bodem meer homogeen, met ze voordelen en nadelen.

Desalniettemin is het voorkomen van verdichting beter dan verhelpen. Uit experimenteel onderzoek blijkt dat bodemverdichting zelden volledig kan worden opgelost. In 80% van de experimenten werd niet meer dan 50% herstel gevonden<sup>[1]</sup>. Enkel in een uitzonderlijke situatie werd de bodem volledig hersteld. Hierbij geniet een natuurlijk herstel altijd de voorkeur boven herstel door middel van grondbewerking; een natuurlijk herstelde bodem zal minder snel opnieuw verdicht raken. Dit zal altijd nodig zijn in combinatie met een systeemverandering om de druk op de bodem te verlichten.

![9_2 Bodemverdicthing Figuur 70.jpg](media://889cd9ec-3494-46f0-9f9a-1d0709c8d1b6)

Bron: 

[1] Bakema, G., Arthur, E., & van Balen, D. (2023). *Maatregelen voor het herstel van verdichte bodems.*

[2] aangepast van Bakema, G., & van Balen, D. (2023). De gevolgen van bodemverdichting, Geraadpleegd op 7 februari 2024, van [https://www.youtube.com/watch?v=8kB_Qc6DYbk](https://www.youtube.com/watch?v=8kB_Qc6DYbk) 

![0Logoveld 2025-2.jpg](media://65d29c96-5365-4bc7-b1e0-7b7af9510e40)