De uitdaging om 9 miljard mensen te voeden in 2050 is een flinke opgave. Dit vereist innovatieve oplossingen op alle fronten van het spectrum van voedselproductie, verwerking en consumptie. Voedselverspilling terugdringen is daarbij een van oplossingsrichtingen.

Wereldwijd wordt 1/3 van het geproduceerde voedsel weggegooid. Voedselverliezen treden op in elke schakel van de keten. In NL gooien we in totaal 9,5 miljard kilo voedsel weg.

In elke schakel van de keten ontstaan veel voedselreststromen. In 75% tot 90% van de gevallen gaat het om verse producten ‘Weggooien’ betekent daarbij niet per se dat voedsel in het geheel niet wordt gebruikt. Zo worden bijvoorbeeld in de voedselverwerkende industrie veel reststromen benut voor compostering, biomassa of voor diervoeder. Dit betekent echter wèl ‘verspilling’ als de voedselresten niet zo goed mogelijk verwaard worden, bij voorkeur met behoud als voedsel voor menselijke consumptie.

De Ladder van Moerman is een instrument in 'afvalland' dat beschrijft hoe je het meest efficiënt om kan gaan met afvalstromen. Moerman laat zien hoe dat werkt voor voedsel. Preventie van voedselverliezen is daarbij de hoogste trede in de ladder.

Stimulering van de circulaire economie is een van de pijlers om voedselverliezen en verspilling tegen te gaan. Het verwaarden van goed voedsel, dat normaal weggegooid zou worden,  tot eetbare alternatieven, en dus bij voorkeur voor menselijke consumptie ( de groene treden op de ladder) , is voor elke schakel in de keten een belangrijke uitdaging.

Voedselverspilling is letterlijk ‘het laag hangende fruit’. Vermindering van verspilling is het meest voor de hand liggende issue om  een positieve bijdrage te leveren aan  ons voedselsysteem. Toch lukt het moeilijk om verspilling terug te dringen. De overheid voert al enkele jaren een voedselverspilling monitor uit, maar verbeteringen in de mate van voedselverspilling in de keten is nauwelijks merkbaar.

Door de vele aspecten, die samenhangen met voedselverspilling kent dit onderwerp meer probleemeigenaren: ketenpartijen, consumenten èn overheid. Tegelijkertijd heeft deze problematiek ook een diffuus karakter. Kleine hoeveelheden vormen samen een groot geheel, individuele en maatschappelijke belangen lopen vaker ver uit elkaar en de consequenties zijn voor elke partij afzonderlijk relatief klein.

Overigens zien we dat de verspilling bij de consument; dus het weggooien van goed voedsel, een beetje daalt (artikel Volkskrant, mei 2017).

Monitor voedselverspilling, rapport Wageningen Food and Biobased Research, 2017

Feiten en cijfers over verspilling van voedsel door consumenten in 2013, verslag Milieu Centraal, 2014

Voedselagenda voor veilig, gezond en duurzaam voedsel, Kamerbrief, 2015