De planten van de ranonkelfamilie hebben een verspreide bladstand, de bladeren zijn vaak gedeeld en hebben geen duidelijke steunblaadjes. Veel kruidensoorten hebben wortelstandige bladeren. Het aantal kelk- en kroonblaadjes is verschillend in aantal en in vorm. De bloemen hebben meerdere stampers en talrijke vrijstaande meeldraden.

 

Soorten

  • Page:
    Blaartrekkende boterbloem

    Deze soort is eenjarig, wordt 5-70cm groot en bloeit van mei tot en met oktober. 

  • Page:
    Kruipende boterbloem

    Kenmerkend voor deze boterbloem is natuurlijk de bekende gele gelobde bloem met opstaande bloemblaadjes, maar ook het driedelige blad, waarop wat lichtere vlekken zichtbaar zijn.

  • Page:
    Scherpe boterbloem

    De scherpe boterbloem is herkenbaar aan de handvormig gedeelde bladeren.

  • Page:
    Speenkruid

    De bladeren van speenkruid zijn typisch hart tot niervormig.

  • No labels