Gewas: Ericaceae

Groep: gebreksziekten

Geen beeld beschikbaar.

© Copyright PPO, NVWA (PD), DLV, KAD, Landbrugsinfo

Symptomen

Magnesiumgebrek in Ericaceeën worden nauwelijks waargenomen.

Bladanalyses

Magnesiumgebrek uit zich grofweg bij een gehalte beneden 2,0 g per kg droge stof blad.

Voorkomen en genezen

Magnesium of Mg is een bouwsteen van het bladgroen in de plant. Een tekort wordt het eerst zichtbaar in de oudste bladeren, die lichtgeel verkleuren waarbij nerven en bladranden groen blijven.

De assimilatie van een gewas met Mg-gebrek blijft achter, het kost dus opbrengst. Aardappelen, maïs en haver zijn gevoelig voor Mg-gebrek.

Magnesiumgebrek komt vooral voor op lichte gronden met een lage pH. Bij een lage pH spoelt de in de grond aanwezige magnesium gemakkelijk uit. De H+ ionen op een grond met een lage pH gaan de opname van de positieve Mg-deeltjes tegen. Ook de slechte ontwikkeling van het wortelstelsel op zure grond is een van de oorzaken van een tekort aan Mg in de plant.

Kleigronden hebben een grote Mg voorraad in de vorm van Mg, dat gebonden is in kleimineralen, deze Mg voorraad komt door mineralisatie geleidelijk vrij. Op zavelgronden met een hoge pH is de kans op Mg gebrek het grootst.

De opname van Mg wordt beïnvloed door de aanwezigheid van andere positieve ionen. Bij een overmaat van K+ (kalium),  NH4+ (ammonium)  en Na+ (natrium) wordt Magnesium slecht door de wortels opgenomen en kan Mg-gebrek optreden ondanks het feit, dat de Mg voorraad in de grond op peil is. Een kalibouwplan bemesting kan dus Mg gebrek tot gevolg hebben. Oude zandgronden, dalgronden en lossgrond moet het magnesium niveau in de bodem op peil gehouden worden door een onderhoudsbemesting. Op maritieme zandgronden en duinzand is dat meestal niet nodig.

Kali-overmaat in grasland kan de oorzaak zijn van te weinig opname van magnesium met kopziekte bij het vee als gevolg. Kopziekte treedt vooral op in het vroege voorjaar en in de herfst bij lagere temperaturen en in eiwitrijk gras.