Gewas: Snijmaïs

Groep: gebreksziekten

Aantastingsbeeld bij fosfaatgebrekKenmerkende roodverkleuring
Links: fosfaatgebrek; rechts gezondAantastingsbeeld bij fosfaatgebrek

 

Klik op de afbeelding voor een vergroting.

© Copyright PPO, NVWA (PD), DLV, KAD, Landbrugsinfo

Symptomen

Mais is gevoelig voor fosfaatgbrek. Vooral in een koud voorjaar bij lage bodemtemperatuur heeft het wortelstelsel moeite met opnemen van fosfaat, ook als er voldoende fosfaat in de bodem aanwezig is.

Het effect wordt versterkt door een slechte bodemstructuur, bijvoorbeeld op kopakkers. De veldverschijnselen zijn rood-paarse verkleuring beginnend aan de bladranden, vooral bij jonge planten. Verder veroorzaakt fosfaatgebrek vertraagde groei en afrijping en verminderde opbrengst. In de huidige mestwetgeving met verlaagde normen voor fosfaatbemesting worden de verschijnselen in het voorjaar gemakkelijk zichtbaar. In een periode met stijgende bodemtemperaturen verdwijnen de verschijnselen meestal snel.

Fosfaatgebrek kan optreden onder de volgende omstandigheden:

  • (te) lage temperatuur in de beginperiode
  • te lage pH van de bodem
  • slechte bodemstructuur, waardoor de wortelgroei wordt beperkt
  • hoog ijzergehalte in de grond, waardoor fosfaat wordt gefixeerd (onoplosbare verbinding vormt met ijzer)
  • te lage fosfaattoestand van de grond (komt hoogstzelden voor).
Achtergrondinformatie over Fosfaat

Zouten van het voedingselement fosfor worden fosfaten genoemd. Fosfor of P is van belang voor de vorming van essentiële eiwitten in de plant en speelt een rol bij de energieoverdracht, bij de fotosynthese en ademhaling van de plant.

De meeste gewassen zijn erg gevoelig voor een tekort aan fosfor. Het fosfaat, dat in de grond voorkomt is meestal slecht opneembaar voor de gewassen. In gronden met een lage pH, die aluminium en ijzerhoudend zijn, wordt fosfaat vastgelegd. Fosfaat komt op zulke gronden door bekalken beter beschikbaar. Door grondonderzoek vooraf en een aangepaste bemesting kan fosfaatgebrek worden voorkomen.Fosfaat bevordert de beworteling van een gewas en is belangrijk voor een tijdige afrijping. Zaden zijn rijk aan fosfaat, fosfor is dan ook een belangrijk element voor de korrelvorming bij granen en de kolfvulling van maïs.

De wettelijke normen voor fosfaatbemesting worden steeds strenger. Omdat fosfaat bij voorraadbemesting in de grond vaak wordt vastgelegd in niet direct opneembare vorm, is het belangrijk dat vooral fosfaatgevoelige gewassen zoals aardappelen,  een fosfaatgift krijgen aan het begin van het groeiseizoen. Bouwplanbemesting wordt bij lagere fosfaatnormen minder voor de hand liggend. 

Op sommige gronden wordt fosfaat vastgelegd in voor de plant moeilijk opneembare verbindingen, fosfaatfixatie genoemd. Het komt vooral voor op ijzer- en aluminiumrijke gronden met een lage pH en op kalkrijke zeekleigronden. Op fosfaat fixerende gronden moet jaarlijks een fosfaatbemesting worden uitgevoerd, gebaseerd op een analyserapport grondonderzoek.

Maatregelen
  • Bekalken, pH verhogen.
  • Structuurverbetering van de grond door telen van groenbemesters en het voorkomen van insporing en andere vormen van structuurbederf.
  • Bemesten volgens advies grondonderzoek.
  • Rijenbemesting met een gemakkelijk opneembaar fosfaat tijdens het zaaien.