Gewas: Gewone esdoorn (Acer pseudoplatanus)

Wetenschappelijke naam: Aceria macrorhyncha (syn. Phytoptus aceris, syn. Artacris macrorhynchus)

Groep: Galijten


Gallen van A. macrorhyncha op esdoornblad


Klik op de afbeelding voor een vergroting.
© Copyright PPO, NVWA (PD), DLV, KAD, Landbrugsinfo


Herkenning
Op de bovenzijde van het esdoornblad bevinden zich zeer dicht bij elkaar zittende hoornachtige langwerpige galletjes die geel tot helderrood zijn. De gallen zijn 1-6 mm hoog en de opening bevindt zich aan de onderzijde. Deze opening en de binnenwand zijn met eencellige haren bekleed. Er is nog een galmijt die op esdoornblad voorkomt, namelijk A. cephalonea, de esdoornknobbelmijt. De gallen daarvan zijn ronde knobbeltjes, maar zijn ook rood en komen ook in grote aantallen op het blad voor.
Levenswijze

Galmijten zijn zeer klein, ca. 0,2 mm, dus niet of nauwelijks met het blote oog waarneembaar. Ze hebben een spoelvormig lichaam met slechts 2 paar poten aan de voorkant. Ze voeden zich door een stilet in een plantencel te steken en deze leeg te zuigen. De stoffen die de galmijt daarbij uitscheidt, zetten de plant aan tot het maken van gallen. De mijten leven tussen de haren in de gal. Doordat ook de opening met haren is bedekt, ontstaat een vochtig microklimaat in de gal. De ontwikkeling van galmijten van ei tot adult duurt ongeveer twee weken.

Maatregelen

Niet van toepassing